Misschien moet uw kind wel een paar dagen in het ziekenhuisblijven. Als het wat ouder is, kunt u hem alles uitleggen. Maar met een kleintje lukt dat niet altijd. Het kind is vaak bang. Laat uw kind daarom zo min mogelijk alleen in het ziekenhuis.

In de meeste ziekenhuizen mag u overdag bij uw kind blijven. ‘s Nachts mag dat meestal niet. Overleg hierover met de arts die uw kind behandelt. Geef uw kind wat extra aandacht wanneer hij weer thuis is.

Ga zo vaak u kunt naar uw kind toe
Doe zoveel mogelijk dezelfde dingen met hem als thuis. Houd er rekening mee dat uw kind mee eet in het ziekenhuis. Soms mag hij niet alles eten van de dokter. Hij heeft dus een dieet. Dit kan zijn omdat`hij bepaalde onderzoeken moet doen of een operatie nodig heeft. Wilt u iets te eten meenemen voor uw kind? Vraag altijd eerst aan de verpleegkundige of u eten mag meenemen en wat uw kind wel mag eten.
Zeg het aan de verpleegkundige op het consultatiebureau als uw kind in het ziekenhuis ligt. Zeg ook wanneer uw kind weer thuiskomt. De verpleegkundige kan u vertellen wat u dan kunt doen. Vraag bij ontslag uit het ziekenhuis of u de medische gegevens niet alleen voor uw huisarts, maar ook voor de arts van het consultatiebureau mee krijgt. Zo weet iedereen die zich met de gezondheid van uw kind bezig
houdt precies wat er gebeurd is. Dan krijgt uw kind de juiste opvang en behandeling. Vertel bij uw eerst volgende bezoek aan de verpleegkundige op het CB dat uw kind in het ziekenhuis was opgenomen. Vertel ook waarvoor en hoe lang.