Met tien maanden vindt uw kind eenvoudige kinderliedjes en rijmpjes heel leuk, bijvoorbeeld “poesje mauw”, “slaap kindje slaap “, “schuitje varen” en “klap eens in de handjes” en “pingi, pingi kasi “. In de elfde maand vindt uw kind het spannend om op ontdekkingstocht te gaan. Hij ziet nu ook het verschil
tussen oude en nieuwe speeltjes en andere voorwerpen. Hij vindt het leuk om alles te onderzoeken. Speeltjes voor uw kind hoeft u niet uit de winkel te halen. Het kind speelt met alles. Zorg er dan wel voor dat dit schoon en veilig is. Met bijna elk voorwerp kan men “muziek” maken. Uw kind vindt het schitterend als hij de kans krijgt om zelf veel lawaai te maken. Hij kan oude tijdschriften verwoed uit elkaar scheuren of rammelen met een plastic fles, gevuld met erwten of rijst. Let op: de dop moet er wel goed op gelijmd zijn. Ook pakt hij graag zelf allerlei rommeltjes uit een doos en doet ze er weer in.
Uw kind vindt het ook leuk van alles en nog wat uit de box te gooien. Als mama het terugstopt gooit hij het weer eruit. Dit vindt hij een leuk spelletje. Uw kind kan nu ongeveer een kwartiertje achter elkaar alleen spelen, vier keer per dag. Zo leert hij zich concentreren.









