Langzaam maar zeker krijgt uw kind in de gaten dat het zelf iets wil. Sommige ouders vinden dat leuk om te ontdekken. Anderen vinden het te snel gaan: ze willen graag dat hun kind nog een poosje echt “baby” blijft. Maar de baby-periode gaat voorbij. De eigen wil en het karakter van uw kind worden steeds duidelijker.

Zelf ontdekken is leerzaam
Als een kind eenmaal kan lopen moeten de ouders of verzorgers extra opletten en begeleiden. Het kind wil de wereld verkennen en alles aanraken. Zo leert hij elke dag. Zo voelt hij met zijn handen en mond dat er zachte en harde dingen zijn en merkt dat ronde dingen kunnen rollen. En het allermooiste is dat hij ze zélf aan het rollen kan brengen. Een kind dat speelt en onderzoekt maakt “rommel”. Dat hoort erbij.
Verbieden met ‘nee’ zeggen kan nog niet
Als een kind speelt, hoort hij wel als er wordt gepraat. Maar hij denkt dat u hem stimuleert om verder te spelen, ook al zegt u ‘nee’. Hij gehoorzaamt alleen als zijn spel wordt onderbroken. Zo weet hij dat het afgelopen is. De meeste kinderen begrijpen op deze leeftijd het woordje ‘nee’ wel, maar ze kunnen het nog niet uitvoeren. Daarom zeggen kinderen ook wel ‘nee’ terwijl ze het verbodene toch aanraken. Boos worden helpt niet. Help uw kind om ‘nee’ te doen door hem te stoppen in wat hij doet. Doe dit op een rustige manier en zeg ‘nee’. Laat hem dan iets doen wat wel mag. Het duurt een tijdje voordat het kind ‘nee’ kan begrijpen, onthouden én doen.








